|
Project:
|
selecteer verkeerskundig(-e) alarm(-en) en bevestig mét of zonder beeld : Public <<ArchiMate_BusinessActivity>> RWS_BusinessActivity
Elk alarm dient geselecteerd en bevestigd te worden door de Wegverkeersleider (dat hij het heeft opgemerkt). Betreft het een alarm van een tunnel waarvan de GUI niet is voorgeschakeld dan moet die voorschakeling eerst via het tunneltabje op de MAP geschieden. Het is ook mogelijk een beeld van de betreffende tunnel op de videowand aan te klikken dan schakelt de benodigde bijbehorende GUI vanzelf op. Zodra de WVL de meldregel heeft geselecteerd wordt deze oranje. Vervolgens kan de WVL het geselecteerde alarm in de meldingenlijst bevestigen. Hiervoor zijn drie mogelijkheden:
<ol> <li><b>"Mét beeld"</b>, waardoor de bijbehorende alarmbeelden worden gepresenteerd op de plaats waar de kritische beelden in de tunnel op de videowand zijn gepositioneerd (deze worden dan op de videowand tijdelijk gebruikt als "alarmmonitor" om de alarmbeelden te kunnen presenteren). De alarmbeelden zijn de videobeelden van de tunnelcamera's die bij de locatie hangen waar zich het alarm heeft voorgedaan; de beelden vóór, op en vóórbij de alarmlocatie. Deze beelden worden gepreset. Er is een uitzondering: Bij een spookrijderdetectie wordt (met de rijrichting mee) drie camera’s stroomopwaarts van de incidentlocatie getoond (configureerbaar door de VC) zodat de spookrijder in beeld kan worden “gevangen” (dit is instelbaar per tunnelbuis). Indien de spookrijdermelding niet is gevalideerd* (spookrijderdetecties als gevolg van "scheefrijden in de rijrichting" zijn niet aantoonbaar uitgesloten) dan dient het spookrijderalarm altijd bevestigd te worden mét beeld om te zien of het daadwerkelijk om een spookrijder gaat.</li> <li><b>“Zónder beeld”</b>, waarbij geen alarmbeelden worden gepresenteerd. Bijvoorbeeld als de attentiebeelden al duidelijk hebben uitgewezen dat er niks aan de hand is. Of bij een Rood-hoogte-detectie. De WVL krijgt dan al een foto van het te hoge voertuig naast zijn meldingenlijst en inritbeeld 1 en inritbeeld 2 staan al gepreset als kritische beelden op de videowand. Dus opschakelen mét beeld levert alleen maar dubbele beelden op de kritische beeldenrij op en wordt afgeraden. Een derde mogelijkheid is een spookrijdermelding die is gevalideerd. De WvL kan dan direct de spookrijder maatregelen inzetten zonder verificatie met beeld.</li> <li>Het is ook mogelijk alle onbevestigde alarmen in één keer te bevestigen en te verplaatsen naar het gedeelte met bevestigde meldingen.</li> </ol> NB. Voor alle typen bevestigingen zijn er specifieke knoppen bovenaan de meldingenlijst. NB. *Het is mogelijk dat invoegend verkeer de ‘tweede’ lus van het luspaar aanrijdt (het zgn “scheefrijden”) en het achteropkomend verkeer bij het aanrijden van de eerste lus van hetzelfde luspaar vervolgens een spookrijdersalarm veroorzaakt. Deze mogelijkheid dient in de techniek en in het algoritme van het SOS-systeem uitgesloten te zijn door pas een spookrijderalarm te geven als een spookrijder in een spookrijder-detectiegebied op 480 - 600 meter stroomafwaarts van de tunnelbuis tegen de rijrichting in over (meerdere) SOS detectiepunten rijdt. De "klassieke" spookrijderdetectie in de tunnelbuis tot aan 600 meter voorbij de tunnelbuis kan worden uitgezet. Eventuele “keerders” in de tunnel worden afgevangen door de stilstandmeldingen.<br/>
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||

(p) H.N.M. Dijkema - Rijkswaterstaat 2025
Informatie: